Nieuwsupdate april 2019

Wilt u in de toekomst ook de nieuwsupdate van TvO ontvangen? Klik hier en schrijf u dan gelijk in!


Column Hersenkrakers

De aanfluiting van nu

GRRRR! Door Uitzending gemist krijg ik mijn dagelijks quotum vloeken in elk geval vervuld. Iemand wees me erop dat het wetenschapsprogramma van de NTR Kennis van nu het onderwerp ‘Moederbrein’ behandelde in een uitzending op 5 februari, en ik dacht: Ha, eindelijk worden er een paar misogyne mythes doorgeprikt.

Het begint al goed, er zijn een aantal vrouwen aan het woord over hun beleving van hun zwangerschap. Presentatrices, een schrijfster, echte experts dus. Ze noemen alle dingen die we al kennen: ‘ik was staatsgevaarlijk’, ‘mijn hormonen waren een flipperkast’. Het woord ‘hormonen’ wordt vaak als synoniem gebruikt voor gevoelens, en dat wordt nergens rechtgezet. ‘Rustig’, maant mijn moeder, met wie ik aan het kijken ben, ‘het is populair wetenschappelijk, dan moeten er ook BN’ers aan het woord.’
Na een tijdje komt er inderdaad een daadwerkelijke wetenschapper aan het woord. Een vrouw, nog wel. Dr. Elseline Hoekzema heeft een mooie vondst gedaan: er is een sterkere doorbloeding in het moederbrein in de gebieden die betrokken zijn bij ‘theory of mind’, dus mogelijk verhoogde empathie. Mijn gedachten gaan direct naar toepassingen in aandoeningen zoals autisme, waar ‘theory of mind’ minder aanwezig is. Helaas wordt er niet gerept over toepassingen.
Er volgt  een verhaal over volumeverlies in het brein tijdens de zwangerschap. Dr. Hoekzema zegt terecht dat volumeverlies geen functieverlies hoeft te betekenen. Vervolgens meldt ze dat het tijdelijke volumeverlies in de hippocampus geheugenproblemen zou kunnen opleveren. Nergens noemt ze het onderzoek van dr. Cost dat uitwijst dat vrouwelijke dieren cognitief beter presteren tijdens de zwangerschap. Dat onderzoek is nog niet in vrouwelijke mensen gedaan, want kennelijk bestaan die nog niet zo lang. Volgens dr. Cost staan zwangeren en recente moeders onder erg veel stress omdat vaak het overgrote deel van de zorg voor het kroost op hun schouders terechtkomt. Daar kan die verwardheid en geheugenproblematiek ook goed door worden veroorzaakt. Dr. Hoekzema noemt nog wel even dat het geheugen van moeders uiteindelijk beter wordt dan voor de zwangerschap, maar daar hebben we het maar niet te lang over.
Want nu, halverwege de uitzending, vinden de redacteuren bij Kennis van nu kennelijk dat er wel genoeg over vrouwen gepraat is. Het onderwerp heet ‘moederbrein’, dus het wordt hoog tijd dat er naar de mannelijke fysiologie gekeken wordt. Hoe verandert het mannenbrein als de partner een kind krijgt? Een fijne mannelijke wetenschapper, een ‘biopsycholoog’, kan vertellen dat vaderschap je testosteron verlaagt. Er wordt ook bezorgd over gedaan. De biopsycholoog weet te vertellen dat je kunt gaan sporten. Hij vergeet voor het gemak te melden dat je van testosteron eigenlijk agressief en impulsief wordt en dat het niet heel goed is voor je brein.
Op naar het volgende onderzoek over mannen. Dat ze heus wel reageren op babygehuil met een cortisolverhoging. Dan komt dr. Bakermans-Kranenburg aan het woord. Ze doet ook onderzoek naar vaders. Haar naam kwam me al bekend voor. Het is dezelfde onderzoeker die 2,5 miljoen euro kreeg om te kijken of het toedienen van oxytocine beter zorggedrag zou induceren bij vaders. Als bioloog vind ik dat reuze interessant, maar als normaal denkend mens word ik er woedend van. Dat vadergedrag en vaderzorg erg verschillen tussen landen geeft al aan dat cultuur een enorme factor is. Deze biologische benadering benadrukt maar weer hoe onze samenleving mannen (en vrouwen) ziet. In die visie zijn mannen  nu eenmaal  ‘biologisch’ minder geschikt als primair zorgende, en kennelijk zijn we eerder bereid medisch/biologisch in te grijpen dan cultureel/opvoedkundig.
Er wordt pijnlijk, beschamend weinig onderzoek gedaan naar vrouwelijke fysiologie. Het moment dat er eindelijk een keer gekeken wordt naar vrouwelijke hormonen en vrouwelijke fysiologie, gaat het zo gauw mogelijk weer over mannenfysiologie. Onderzoeksgeld dat misschien eindelijk eens had kunnen gaan naar het zo broodnodige onderzoek naar de andere helft van de populatie, gaat naar onderzoek dat gebouwd is op de aanname dat mannen niet kunnen zorgen. Een aanname die vrouwen schaadt door mannen te ontslaan van verantwoordelijkheid. Een aanname die vrouwen op ‘hun natuurlijke plaats’ probeert te houden in de maatschappij. Een cultuur met zulke onderzoeksprioriteiten, waar een uitzending over ‘moederbreinen’ voor de helft over mannen gaat, waar opvoedkundig ingrijpen bij mannen kennelijk ondenkbaar is, waar verlaagd testosteron direct zorg opwekt; dat heet een patriarchie. Hoe erg je dat vindt maakt me niet uit, maar verlies het niet uit het oog. Daar krijg je slechte wetenschap van.

Josien de Bie behaalde haar Master in Biologie aan de Universiteit van Groningen en haar PhD in Neurowetenschap in Sydney. Ze is wetenschapscommunicator, jazz zangeres, stand-up comedian, oprichtster van genderbrain.com en een woesteling in het de-bunken van gendermythes. Zij schrijft columns over haar bezigheden.


Actueel 

Rondom Jong: beter samenwerken voor depressiepreventie rond jongeren
Staatsecretaris Paul Blokhuis nam maandag 15 april 2019 het eerste exemplaar in ontvangst van ‘Rondom Jong’: een nieuwe, slimme wegwijzer voor depressiepreventie die professionals rond een jongere beter met elkaar laat samenwerken. Het Nuborgh College Veluvine in Nunspeet werkte als een van de eerste scholen met het instrument.
Met Rondom Jong zitten de ketenpartners samen aan tafel: school, jeugdgezondheidszorg, GGD, (school) maatschappelijk werk, wijkteam, GGZ, huisarts en gemeente. De partners doorlopen de ‘reis’ van een jongere met depressieve klachten en gaan met elkaar na of alle stappen goed zijn ingericht, wie en wat nog mist en wat er beter kan. Onder begeleiding van GGD Noord- en Oost-Gelderland maakten het Nuborgh College Veluvine en het Christelijk College Nassau Veluwe deel uit van de zes pilots waar Rondom Jong succesvol is getest.
Sabine Neppelenbroek, projectleider van GGD GHOR Nederland: 'Wat we zien is dat de wegwijzer concreet laat zien waar we de jongere beter kunnen helpen. En vooral ook welke organisatie hulp moet of kan bieden. Het feit dat je met een gezamenlijk doel om tafel zit, geeft aan dat je elkaar kunt bevragen en ook aanmoedigen om de hulp te verbeteren. Om daarna bij de vervolgbijeenkomst de uitgevoerde acties te bespreken. Op die manier houd je elkaar scherp en komt de hulp voor de jongere op de juiste manier en op de juiste tijd.'
De wegwijzer Rondom Jong kan besteld worden op de website van het Trimbos Instituut. De digitale versie is gratis te downloaden. De wegwijzer is gemaakt door GGD GHOR Nederland, het Trimbos-instituut en het Nederlands Centrum Jeugdgezondheid vanuit het Meerjarenplan Depressiepreventie van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.

Bron: trimbos.nl

Kwetsbare jongeren uit speciaal onderwijs kansloos op de arbeidsmarkt
Ondanks de krapte op de arbeidsmarkt heeft driekwart van de jongeren uit het voortgezet speciaal onderwijs met het uitstroomprofiel ‘arbeidsmarkt’ na een jaar geen baan. Dit blijkt uit de publicatie De Staat van het Onderwijs van 10 april 2019.
In haar voorwoord noemt Inspecteur-generaal van het Onderwijs Monique Vogelenzang ‘het begeleiden naar werk’ één van de allerbelangrijkste doelen van het onderwijs. Tegelijkertijd constateert het gepubliceerde rapport De Staat van het Onderwijs 2019 dat het daarmee slecht is gesteld als het gaat om de meest kwetsbare leerlingen van Nederland. Ondanks de lage jeugdwerkloosheid en de grote krapte op de arbeidsmarkt.
‘Jongeren die minder meeprofiteren zijn vooral ongediplomeerden, leerlingen van het voortgezet speciaal onderwijs (vso), het praktijkonderwijs (pro) en studenten van de entreeopleidingen en sommige mbo 2-opleidingen’, aldus het rapport.
Maar liefst driekwart van de jongeren uit het voortgezet speciaal onderwijs (vso) met het uitstroomprofiel ‘arbeidsmarkt’ heeft na een jaar nog altijd geen baan. Veertig procent van alle vso-schoolverlaters heeft noch werk, noch een uitkering.
Opvallend is dat de inspectie de schuld voor het gebrek aan kansen op de arbeidsmarkt vooral neerlegt bij de werkgevers. ‘De arbeidsmarkt lijkt onvoldoende open te staan voor kwetsbare leerlingen en studenten’, aldus het rapport. ‘Waar leraren in het vso en mbo deze jongeren steeds beter voorbereiden, laten werkgevers het nog te vaak afweten.’
De meeste vso-schoolverlaters met het profiel ‘dagbesteding’ ontvangen een uitkering, al dan niet in combinatie met een vorm van dagbesteding. Volgens de betrokken scholen komen sommige leerlingen die voorheen zouden doorstromen naar een sociale werkvoorziening, nu in aanmerking voor beschut werk. Volgens de inspectie zijn er op dit moment echter te weinig van dit soort werkplekken, of ze zijn ‘te hoog gegrepen’ voor de schoolverlater.

Bron: autisme.nl

Jeugdtrauma verhoogt risico op mishandeling
Een jeugdtrauma geeft een verhoogd risico om op latere leeftijd slachtoffer te worden van geweld, blijkt uit een studie van het Trimbos-instituut en GGZinGeest, gepubliceerd in het wetenschappelijk tijdschrift Epidemiology and Psychiatric Sciences.
Pesten en fysieke, seksuele en psychische mishandeling zijn de vormen van jeugdtrauma die zijn gemeten in dit onderzoek. Mensen met een van deze jeugdtrauma's lopen een verhoogd risico om slachtoffer te worden van fysiek, seksueel en psychisch geweld wanneer zij volwassen zijn. Dit wordt ook wel revictimisatie genoemd.
De onderzoekers stellen dat het belangrijk is dat voor deze risicogroepen preventieve interventies ontwikkeld worden om revictimisatie te voorkomen.
Het onderzoek bevestigt wat we ook zien in onderzoek naar de gevolgen van kindermishandeling, aldus Marianne Volaart, medewerker veilig opgroeien bij het Nederlands Jeugdinstituut. 'De impact van deze vormen van jeugdtrauma is groot. Dit onderzoek onderstreept nog eens hoe belangrijk het is om aandacht te hebben voor passende hulp bij trauma als gevolg van stressvolle en onveilige jeugdervaringen. We weten dat sommige slachtoffers deze ervaringen verwerken met hulp van hun omgeving, maar we zien ook dat herstel zeker niet vanzelfsprekend is. Om te herstellen is, naast steun, ook hulp en effectieve traumabehandeling nodig. Dankzij onderzoeken naar de aanpak van kindermishandeling leren we steeds meer over de werkzame principes van interventies voor risicogroepen. Deze inzichten helpen om psychische problemen en revictimisatie in de toekomst te voorkomen.'

Bron: Trimbos-instituut; Epidemiology and Psychiatric Sciences; Nederlands Jeugdinstituut

Meer seks met dwang bij meisjes in speciaal onderwijs
Meisjes in het speciaal voortgezet onderwijs hebben vaker te maken met seksueel grensoverschrijdend gedrag dan meisjes in het reguliere onderwijs. Dat blijkt uit onderzoek van het Nederlandse kenniscentrum rond seksualiteit Rutgers en Soa Aids.
Van de meisjes op cluster-4-scholen, voor leerlingen met psychiatrische en ernstige gedragsproblemen, is 27 procent ooit gedwongen tot seksuele handelingen. In het reguliere onderwijs geldt dit voor 7 procent van de meisjes. De opvattingen over seksualiteit verschillen nauwelijks. Wel keuren meisjes op cluster-4-scholen seks zonder verliefdheid iets vaker goed. Opvallend is dat vier keer zoveel meisjes op cluster-4-scholen ooit een naaktfoto of seksfilmpje van zichzelf hebben gedeeld.
Anita Kraak, adviseur bij het Nederlands Jeugdinstituut, ziet het als een gezamenlijke verantwoordelijkheid om deze kwetsbaarheid te signaleren en meisjes weerbaar te maken tegen seksueel grensoverschrijdend gedrag, maar ook tegen loverboys. 'Een naaktfoto is zo gemaakt. De gevolgen van het delen daarvan kunnen groot zijn. Loverboys kiezen vaak kwetsbare meiden als slachtoffers, daarbij maken ze veel gebruik van internet en staan ze vaak bij scholen. We kunnen deze meisjes helpen door ze aan de ene kant te beschermen en aan de andere kant de ruimte te geven om hun identiteit én seksualiteit te ontwikkelen. Dat vraagt maatwerk. Ga het gesprek aan over alledaagse dingen, vraag een meisje wat ze deelt via haar telefoon, waarom ze dat wel of niet doet en met wie ze het deelt. Leer haar haar grenzen te ontdekken.'

Bron: Rutgers; Soa Aids; Nederlands Jeugdinstituut


 

Edities 2018 - 2019 

september 2018 | oktober 2018 | november/december 2018 | januari 2019 | februari 2019 | maart 2019